Bahir Dar

Posted on June 18, 2008

0


Bahir Dar is zo’n stad. Zo’n stad waar je bij de eerste ontmoeting je realiteitszin verliest en plannen gaat maken om alles en iedereen achter te laten, er een huis te kopen en een zaak te beginnen.

Je ziet jezelf elke dag op de fiets, of met de uit India geïmporteerde tuktuk over de brede boulevards met palmbomen cruisen. Misschien om mango’s te kopen, of om macchiato’s te drinken met nieuwe vrienden.

Uiteraard bouw je je nieuwe huis aan het Tanameer. Vanuit je groene tuin met aapjes loop je zo het strand op, richting de houten steiger. Daar ligt je bootje. Elke dag weer vaar je een uur lang richting de monding van de Blauwe Nijl, om te checken of er een kudde nijlpaarden baddert. En als ze er zijn, weerhoudt niets je ervan morgen weer te gaan. Gewoon, om te zien hoe het met ze gaat.

De weg terug naar land voert langs vulkaaneilandjes, met kloosters uit de dertiende eeuw. Toen christendom aan de heidense stammen rondom het Tanameer werd opgedrongen. Na je wandeling op het eiland Debre Maria, start je de motor van je boot. Het is nu echt tijd om thuis te gaan lunchen. De boze blikken van vissers in breekbare papyrusbootjes weet je te pareren met een opgestoken hand en welgemeende excuses voor de golven die je veroorzaakt: ‘yikarta!’

Thuis raak je niet uitgekeken op de talloze pelikanen die je steiger onderpoepen, hoe ze in estafette met hun grote vleugels over de golven scheren en terugkeren met de snavel vol verse vis, waarschijnlijk tilapia. Dezelfde vis die jij ’s avonds, met de gloed van de ondergaande zon op je gebruinde wangen, voor je gasten staat te grillen. Het aapje in de tuin steelt plots je spatel, klimt langs je kookschort omhoog en mept je keihard in het gezicht. Wakker worden!

Terug naar de realiteit. In Bahir Dar heb ik voor het eerst gezien waar je op vakantie moet in Ethiopië. De eerste dagen Addis zijn een moetertje. In twee dagen toer je langs de musea, loopt wat rond in de wijk Siddist Kilo en op het universiteitsterrein. Je gaat een paar uur naar Merkato en Piazza en neemt de eerstvolgende vlucht of, veel gezelliger, bus richting Bahir Dar. Weg uit de hectiek en vervuiling. Niet om je te vestigen in de bloeiende hoofdstad van de Amhaarse regio, maar om te begrijpen waarom keizer Haile Selassie er zijn buitenhuis had en, genietend van het tropische klimaat, telkens weer overwoog om zijn hoofdstad erheen te verhuizen.

Advertisements